Uw zoekopdracht

Zoeken in een regio



Zien en gezien worden op Antigua
Zien en gezien worden op Antigua

Zien en gezien worden op Antigua


plaats

Haarlem

datum

medium

Nautique

auteur

Judith van Ruiten

trefwoorden

Antigua, klassieke zeilschepen, Caraibean, zeilwedstrijd

artikelnummer

RU/0451.300


De Antigua Classic Week, dé krachtmeting voor klassieke zeilschepen in de Caribean is weer geleverd. De overall winnaar was de schoener ‘Juno’. ‘Velsheda’ was de winnaar van de Spirit of Tradition klasse en versloeg de gloednieuwe J-classer ‘Ranger’, die in de jaren dertig werd beschouwd als de meest onoverwinnelijke van alle J’s ooit. Ook bekende Nederlandse schepen als de ‘Windrose’ en ‘ Fleurtje’ leverenden goede resultaten en ontvingen vele bewonderende blikken.

58 klassieke schepen, waaronder vele grootheden, verzamelden zich van twaalf tot en met negentien april op Antigua nabij St Maarten om mee te varen in de Classic week. Helaas deden de ‘Endevour’ en de ‘Shamrock IV’ dit jaar niet mee, en bleef het bij twee tegen elkaar startentende J-klassers, de ‘Ranger’ en ‘Velsheda’. De schoener ‘Windrose’, gemaakt door de Nederlandse ontwerper Gerard Dijkstra eindigde derde in de Spirit of Tradition klasse. Naar eigen zeggen, wegens de aan de windse koers waarmee schoeners niet goed overweg kunnen.

De Windrose voer net als vorig jaar onder de Engelse vlag. Dit ondanks grote ontevredenheid van de bemanning. Cees Rem, grootschoter van de Windrose:“We zijn verwikkeld in een strijd met het ministerie van Economische zaken om onder de Nederlandse vlag te mogen varen. Het schip wordt echter gecharterd in Engeland en ook voldoen we niet aan al die honderden brandveiligheids- regeltjes die ze in Nederland hebben. Om die reden varen we voorlopig nog onder de Engelse vlag. Daar leggen we ons echter niet zomaar bij neer. Het is toch van de zotte dat een schip waarvan de bemanning uit merendeels Nederlandse vrijwilligers vaart, niet onder de eigen vlag kan varen.”.

Aan boord van het schip Ranger waren de zaken financieel heel anders geregeld. Geld leek geen rol te spelen en het Alinghi’s America’s Cup team was ingehuurd ter betaling van zo’n duizend tot drieduizend euro per zeiler per dag. Joe Fanelli ( een van die jongens die achter zo’n draaiwiel staat?/ hoe heet die taak?): “We hebben een geweldige race gevaren, al viel het me zwaarder dan ik had gedacht. Het is een ongelooflijk zwaar schip, en heel wat anders varen dan ik gewend was tijdens de America’s Cup”.

Met de Nederlandse deelname was het wat magertjes gesteld dit jaar. Wel waren wederom tientallen Nederlanders aangemonsterd op diverse schepen. Zo voer de Utrechtenaar Joost Kimmel (34) mee als tacticus aan boord van de Ierse schoener de ‘Spirit of Oysterhaven’. Kimmel: “We hadden veel last van de aan de windse koers, waarop een schip als deze zeer slecht vaart. Ook zijn twee schepen bijna tegen ons aan gevaren. Toch zijn we met een vijfde plek redelijk goed geëindigd in klasse B. Het was sowieso een geweldige ervaring, aangezien ik eigenlijk een cruiser ben die een leuk uitstapje heeft gemaakt”. Het Nederlandse schip Fleurtje eindigde in dezelfde klasse op een vierde plek, maar wil op instructie van de eigenaar niets vertellen over de race of het schip.

Uiteraard waren er ook weer de nodige schepen die niet door de kwalificatieprocedure heen kwamen. Zoals elk jaar ontstond zowel binnen de wedstrijdorganisatie als aan de bar discussie over wat nu wel en wat nu niet een klassiek schip is Gratie en schoonheid bleken lang niet altijd voldoende om te worden toegelaten tot de race. Strikte regels over het ontwerp, de rompvorm en het gebruikte materiaal moesten de doorslag geven. Vaak kwamen er foto’s en tekeningen aan te pas om uitsluitsel te geven. Een Nederlands schip als de Green Saga bleef om die reden in de haven liggen, omdat het dacht niet aan de regels te voldoen. Later bleek dit wel het geval te zijn, maar toen was deelname niet meer mogelijk.

Rondom het wedstrijdveld, in de English Harbour stapten de bezoekers en zeilers zonder moeite terug in klassieke tijden. Voor het theehuis de Admiral’s Inn was op de laatste middag van de raceweek een ‘gigracing’ georganiseerd waarbij kinderen en volwassenen tegen elkaar streden in piepkleine klassieke zeilbootjes. Dames gehuld in bloemetjes blouses, lange rokken en een hoed voorzien van een kleurige sjaal serveerden thee uit klassieke Engelse theepotten met een lange hals. Later op de dag was de ‘Parade of Classics’ georganiseerd waarbij de prijswinnaars een voor een de haven invoeren om zichzelf nog eens goed te laten bekijken.

[ < terug ]

aanverwante artikelen: